Je ben een kind 

We gaan samen op ontdekking naar wat er in jou omgaat.

 

Ik ontmoet je in mijn muzieklokaal. Daar staan veel instrumenten zoals een gitaar en een piano. Je hebt tijd om rond te kijken naar alles wat er staat. Dan stellen we ons voor aan elkaar. Wie ben ik en wie ben jij?

 

Jij vertelt je verhaal op jouw manier. Dat kan met woorden zijn of met muziek.

Misschien weet jij al goed hoe je kan vertellen wat je moeilijk vindt. Dan zoek ik met jou waar je graag aan zou werken.

Het kan ook zijn dat jij het moeilijk vindt om woorden te gebruiken voor wat je voelt of denkt. Dan kunnen we op jouw tempo zoeken hoe muziek jou daarbij kan helpen.

 

Soms zal ik met jouw papa of mama praten over onze ontmoetingen. Misschien ben jij aanwezig bij zo’n gesprek. Dat is afhankelijk van je leeftijd en wie jij bent. Je mag altijd mee beslissen waar we over zullen praten. 

 

Je moet helemaal geen muziek kunnen spelen om naar mij te komen, maar je mag me altijd vertellen wat jij al met muziek doet thuis of op school.